Kruimelvlaai

Kruimelvlaai

Met Limburgse roots kan een recept voor Limburgse vlaai natuurlijk niet op mijn blog ontbreken.  In Limburg haalden we de vlaai bijna altijd bij de bakker, maar sinds we in Arnhem wonen gaat dat natuurlijk niet meer. Mijn vriend bakt dus voor verjaardagen de vlaai zelf, en ik wilde ook wel eens een poging wagen. Het lekkerst vind ik kruimelvlaai, maar die is vaak gevuld met alleen pudding. Ik voegde ook abrikozenjam toe, om het wat fruitiger te maken en hij werd overheerlijk!

Dit recept ziet er misschien angstaanjagend uit, maar het zeker de moeite waard! Terwijl het gistdeeg rijst, kun je het kruimeldeeg en de banketbakkersroom maken. Het rijzen duurde bij mij ongeveer 40 minuten, genoeg tijd dus om andere dingen te doen. Het is wel een beetje afhankelijk van hoe warm je deeg staat.

De vlaai is natuurlijk de dag zelf het lekkerst, en het liefst is hij ook nog een heel klein beetje warm. Maar ik snap dat je geen hele vlaai ineens op wil eten. Deze vlaai kun je prima invriezen! Snij daarvoor de vlaai in stukken en verpak elk stuk apart, bijvoorbeeld in een boterhamzakje of in huishoudfolie. Vries de vlaai op een recht oppervlak in. Als hij bevroren is kun je hem daarna natuurlijk prima opstapelen in je vriezer.

Kruimelvlaai

Course gebak
Cuisine Nederlands
Total Time 1 hour 40 minutes
Servings 1 vlaai

Ingredients

Voor het gistdeeg

  • 250 gr bloem
  • 15 gr verse gist
  • 1 dl volle melk
  • 25 gr boter
  • 15 gr suiker
  • 1/2 ei
  • flinke snuf zout

Voor de vulling

  • 1 vanillestokjes
  • 250 ml melk
  • 2 eierdooiers
  • 50 gr suiker
  • 1 eetl bloem
  • abrikozenjam

Voor het kruimeldeeg

  • 140 gr boter
  • 140 gr suiker
  • 200 gr bloem

Instructions

Gistdeeg

  1. Verwarm de melk tot lauwwarm en doe een scheutje bij de gist. Roer dit goed door tot de gist helemaal is opgelost.

  2. Zeef de bloem op het aanrecht, doe er de suiker bij en maak een kuiltje in het midden. 

  3. Verdeel de boter in de kleine blokjes langs de rand en het zout helemaal aan de rand. Je hoeft met het zout niet te zuinig te zijn, gistdeeg heeft wel iets van zout nodig om op smaak te komen.

  4. Klop het ei los en doe dit samen met het gistpapje en de rest van de melk in het kuiltje.

  5. Begin dan met het kneden van het deeg. Je begint vanuit het kuiltje waar je steeds een beetje bloem bij mengt en zo voeg je steeds meer bloem toe tot het een geheel is. Kneed het deeg dan tot een soepel deeg dat niet plakt. Als het geen soepel geheel wordt voeg je iets meer melk toe, als het deeg plakt voeg je wat meer bloem toe.

  6. Doe dan wat bloem in een kom, leg het deeg erin en dek het af met een natte doek. Laat het deeg dan rijzen op een warme plek tot het in volume verdubbeld is. 

Banketbakkersroom

  1. Schraap het merg uit het vanillestokje en doe dit samen met de melk in een pannetje. Verwarm dit ongeveer 5 minuten, maar laat het niet koken. 

  2. Klop ondertussen de eierdooiers met de suiker en de bloem schuimig en lichtgeel. Voeg dan de warme melk bij de eierdooier toe, blijf wel goed roeren zodat er geen roerei ontstaan.

  3. Doe het mengsel dan terug in het pannetje en laat op een zacht vuurtje nog even goed doorkoken zodat de crème gaat binden. Als de crème wat dikker is en begint te "bubbelen" is hij goed.

  4.  Giet de crème in een diep bord en dek af met een stukje huishoudfolie zodat er geen vel op je banketbakkersroom ontstaat.

Kruimeldeeg

  1.  Doe de bloem en de suiker in een kom en doe hier ook de boter bij. 

  2. Snij nu met een mes de boter fijn door de bloem en suiker.

  3. Als de boter een stuk fijner gesneden is, kun je het laatste stukje met de hand doen. Wrijf het mengsel tussen je vingers, tot je voldoende kruimels hebt gevormd.

  4. Bewaar de kruimels tot gebruik in de koelkast

De vlaai maken

  1. Als je deeg verdubbeld is, vet je de vlaaivorm in. Rol het deeg op een met bloem bestoven aanrecht uit tot een dunne plak. 

  2. Bekleed hiermee de vlaaivorm en snijd overtollig deeg weg. Prik de bodem in met een vorm. 

  3. Laat het deeg nu nog ongeveer 20 minuten rijzen.

  4. Verwarm de oven voor op 220 graden. 

  5. Neem de gerezen vlaaibodem en besmeer deze met een dun laagje abrikozenjam. Hierop verdeel je de banketbakkersroom. Maak af met een royale laag kruimels.

  6. Bak de vlaai ongeveer 20-25 minuten in de voorverwarmde oven van 220 graden. De vlaai is gaar als het deeg loslaat van de rand.

  7. Haal hem dan uit de oven en haal hem ook direct uit de vorm. Dit gaat het makkelijkst als je een vorm hebt met uitneembare bodem. Leg de vlaai op een rooster en laat afkoelen.

 

 



2 thoughts on “Kruimelvlaai”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *